Walstro leeuwenbek (Paarse leeuwenbek) - Linaria purpurea -
Weegbreefamilie - Plantaginaceae; voorheen Helmkruidfamilie - Scrophulariaceae
Bijenplant, hommelplant, drachtplant
Een overblijvende (vaste) plant
Bloeiperiode: mei-september
Bloem: purperachtig, bloem-/honingspoor duidelijk tot sterk gekromd; bloeiwijze een tros, in het begin van de bloei tamelijk compact, maar wordt vrij snel aanzienlijk ijler
Blad: bladen grijsgroen en lijnvormig, de onderste stengelbladen in kansen
Vrucht: een doosvrucht
Hoogte: 0,5-1,0 m
Opmerking:
 
 
 
 
Milieu en groeiplaats: vrij droge tot vochthoudende, matig voedselrijke zandige bodems en vooral in Zuid-Europa op stenige substraten; zon - tijdelijk beschaduwd.
Herkomst: Zuid-Europa.
Toepassing: tuinen, tegeltuinen, rotstuinen.
Beheer: als vaste plant beheren. In principe zijn het ijle planten, maar als ze in het ruim voor tot aan begin van de bloei tot de helft of korter worden teruggesnoeid worden het vaak rijk vertakte (bossige) planten. Als de grote wolbij in de tuin voorkomt, wordt deze plant bij zonnig en warm weer van half juli tot eind augustus vrijwel de hele dag door deze bij bezocht.
Wilde solitaire bijen:
  Grote wolbij Anthidium manicatum  
  Kleine harsbij Anthidium strigatum volgens Westrich (1989)
Dracht: nectar en geel stuifmeel. Indicatie voor dracht: code 1.
Meer info. over plant en verspreiding: Een soort die gemakkelijk verwilderd in tuinen, maar ook te verwachten is in de stedelijk openbare ruimte. Het is een soort die gemakkelijk in de voegen van verhardingen (plaveisel, bestrating) verwildert. In Engeland en Ierland is het al decennia lang een ingeburgerde soort.
 
Plant en bloeiwijze (bron plaat : Watson, L., and Dallwitz, M.J. 1992 onwards. The families of flowering plants. Version: 4th March 2011. http://delta-intkey.com )
 
Bloeiwijze
 
Bloem
 
Voorkant bloem
 
Stengel en blad
 
Een voor de bloei teruggesnoeide plant
 
Hommels
 
Honingbijen
 
Honingbijen
 
Grote wolbij
 
Grote wolbij -
 
Grote wolbij -
 
Grote wolbij
 
Grote wolbij
 
Grote wolbij