Fluitenkruidbij
Andrena proxima
Zwarte behaarde bijen met witte onderbroken haarbanden op de tergieten, een glanzend achterlijf en vrij grof gerimpeld middenveld.
Lengte: vr & m 8-10mm.
Beneden de lijn Amsterdam - Zutphen vrij algemeen.
Drachtplanten: veel op fluitenkruid en andere schermbloemigen
Koekoeksbijen: Nomada conjungens (Langspriet wespbij)
Volledige tekst
Foto's (zonder naam ©Arie Koster)
Vrouwtje
 
 
 
 
 
 
 
Legenda bij kaartje
A Algemeen tot vrij algemeen per provincie of een groot gedeelte daarvan: meer dan 10 uurhokken verspreid
R Regionaal algemeen met 6-10 uur hokken
L Locaal of een kleine regio met 3-5 uur hokken
0 1-2 hokken. 0 symboliseert ook gebieden die misschien sterk onderbemonsterd zijn.
Het verspreidingskaartje is globaal. Het betreft waarnemingen na 1990. In hoofdzaak gebaseerd op het boek De Nederlandse bijen (Peeters et al., 2012)
De kaartjes zijn voorlopig; ze worden in de winter van 2015-2016 vervangen.
--
Vrouwtje: bovenkant borstststuk bruinachtig, maar verblekend behaard; frimbria bruingrijsachtig; scopa witachtig; vleugels bruinachtig; lengte 8-10mm.
Mannetje: kop en borststuk grijs(wit)achtig behaard; sternieten met duidelijke haarbanden op het eind; lengte 8-10mm.
Vliegperiode: april-mei.
Habitat:Foerageert vooral langs houtige begroeiingen inclusief stedelijke beplantingen; verder in bermen en op taluds (Koster 2000). Iin het algemeen op voedselrijke en min of meer gestoorde plaatsten.
Nesten en milieu: in lichte minerale bodems, van zand tot zavel.
Bloembezoek: schermbloemen onder meer op fluitenkruid, zevenblad en dolle kervel.
Voorkomen in Nederland: waarschijnlijk in het grootste deel van het land dun verspreid, maar vrij algemeen. In ieder geval beneden de lijn Amsterdam - Zutphen.
Koekoeksbijen: Nomada conjungens
Beheer: beheer van fluitenkruid lijkt niet noodzakelijk. De evaring leert dat fluitenkruid in relatie met houtige begroeiingen een redelijk goede drachtplant kan zijn. Vooral in combinatie met houtige begroeiing mag fluitenkruid niet voor of tijdens de bloei worden gemaaid. Fuitenkruid is ook voor andere bijen van betekenis.
Deel samenvatting Raemakers, I. P., Peeters, T.M.J., Smit, Jan: De soort is vrij weinig waargenomen in Zuid-Limburg en het Midden-Nederlandse rivierengebied. De laatste jaren blijkt dat Andrena proxima ook op verschillende plekken in het westen voorkomt. Waarschijnlijk is de soort algemener dan het kaartje laat zien. Andrena proxima verzamelt haar stuifmeel uitsluitend op schermbloemen (Apiaceae). In ons land is ze vooral waargenomen op fluitenkruid Anthriscus sylvestris en zevenblad Aegopodium podagraria. Zoals de voedsel­ planten al aangeven, zijn de Nederlandse vliegplaatsen over het algemeen voedselrijk en vaak zelfs uitgesproken ruderaal. Hier worden ook de nesten gegraven, zij het op de minst dicht begroeide plekken. In het buitenland is de soort ook uit veel schralere vegetaties zoals kalkgraslanden bekend. De nesten liggen vaak in kleine aggregaties. (bron: onderstaande link nederlandse soorten)
 
Fluitenkruidbij - Andrena proxima (vr) - Terug
 
Fluitenkruidbij - Andrena proxima (vr) - - Terug
 
Fluitenkruidbij - Andrena proxima (vr) - Terug
 
Fluitenkruidbij - Andrena proxima (vr) - Terug
 
Nomada conjungens (langspriet wespbij) Terug